De organisatie van de omgeving

Ieder kind doet ertoe


De vier aspecten van de omgeving

De omgeving verzwakt of versterkt het leren van de leerlingen. Er is nooit een ‘neutrale’ omgeving. Deze tactiek focust zich op de vier omgevingsaspecten waarin het leren zich afspeelt:

        1. Culturele omgeving
        2. Fysieke omgeving
        3. Schoolse omgeving
        4. Sociale omgeving

Onderzoekers kunnen bestuderen welke soort tactiek het beste bij leerlingen werkt maar wat er net zo goed toe doet, is de temperatuur in het klaslokaal, de kwaliteit van de relatie tussen leerling en leerkracht, de sterkte van het aanwezige licht en zelfs de etnische achtergrond van de leerkracht. Er bestaat geen context-vrij leren.

De Krachtige Leerkracht organiseert actief de omgeving om te zorgen dat leerlingen succesvol zijn. Bij die organisatie stelt hij of zij zich telkens de vraag wat leren vraagt voor ‘dit kind in deze klas, op deze school, met deze ouders, met deze leerkracht, in deze buurt, met deze....., etc. ‘.

Het principe van organisatie van de omgeving is gebaseerd op de sleutelrol die de omgeving speelt in het presteren van leerlingen. Het verklaart dat het onmogelijk is om de prestaties van een leerling los te zien van de omgeving. 

De leeromgeving beïnvloedt leerlingen zodanig dat de vier omgevingsaspecten allesbepalende factoren zijn in het al dan niet slagen van een leerling op school.

 

 

 

De fysieke omgeving

Als mensen zijn we ons bewust van de fysieke omgeving waarin we leven en werken en dat het een aanzienlijk effect op ons heeft. De kans zit hem er dus in dat de fysieke omgeving er toe doet. Het nieuwe perspectief dat zich nu aanbiedt, is dat de fysieke omgeving ons brein fysiek kan wijzigen en die verandering heeft verstrekkende gevolgen op leren, gezondheid, cognitie en gedrag.

 


De sociale omgeving

Traditionele leerkrachten zien leren als een individuele actie maar dat klopt niet. Leerlingen spenderen minstens 2400 dagen (200 dagen keer 12 jaar) vanaf hun kleuterjaren tot aan de laatste groepen VO in een hoofdzakelijk sociale context. We hebben het dan over teams, klassen, clubs, verenigingen, groepjes, niveaugroepen en scholen.

De sociale omgeving van de school heeft een aanzienlijk effect op het ontwikkelende brein. Mensen ontwikkelen zich in een sociale wereld die het groeiende brein op een dramatische wijze verandert, creëert, en vormt. Dit effect werd tot voor kort voor onmogelijk gehouden.


De schoolse omgeving

Het schoolklimaat wat gecreëerd wordt door leerlingen, schoolleiding, curriculum en elke leerkracht zegt heel veel over de beleving, relevantie en toewijding van het schoolcurriculum. Impliciete en expliciete boodschappen over het curriculum spelen een significante rol in de kennisontwikkeling van leerlingen. Het schoolklimaat is de motor voor alle waardevolle boodschappen die leerlingen tijdens hun schoolperiode ontvangen. De Krachtige Leerkracht vormt daadwerkelijk een schoolklimaat dat leerlingen van succes voorziet.


De culturele omgeving

Onderwijskundigen dachten tot nu toe dat genen en opvoeding het gedrag van leerplichtige kinderen beïnvloedden. Maar de cultuur bepaalt het leerkrachtgedrag en de ontwikkeling van leerlingen.

Hoogstwaarschijnlijk heb je zelf de invloed van jouw cultuur op jouw eigen gedrag al eens gevoeld, gezien en gehoord. Het is dus aannemelijk dat de cultuur binnen een klaslokaal ook effect heeft op de ontwikkeling van leerlingen. We kunnen de cultuur die scholen creëren op vele manier rangschikken.